|
Zakelijke Omgangsvormen & Etiquette |
Werknemers die zich houden aan zakelijke etiquette hebben meer succes dan hun
collega's die niets weten van deze omgangsnormen. Een workshop zakelijke
etiquette kan een handje helpen
Opzouten!
Uit Carp door Jacco Kroon We
vechten elkaar de tent uit in deze individualistische tijden. Ruim baan voor
onszelf, ten koste van de rest. Ook op kantoor liggen collega's altijd op de
loer om ons territorium binnen te dringen. Carp geeft tips om de werkdag
ongeschonden door te komen. Het
lijkt of we elkaar steeds meer in de weg zitten. In de trein ergeren we ons
kapot aan de onbenullige gesprekken van onze medereizigers. Bellen we zelf, dan
moeten al die suffe kantoorklerken het niet wagen daarover te zeiken. Achter het
stuur vervloeken we de roekeloze fietsers die uit het niets voor onze gril langs
schieten. Maar als we zelf tussen het walmende blik door laveren, maken we boze
automobilisten uit voor proleet. Ongevoelig voor de personal space van anderen,
eisen we op hoge toon meer ruimte voor ons zelf. Iedereen die de western High
Noon heeft gezien, weet dat dat op een vuurgevecht moet uitdraaien. 'This
town ain't big enough for the both of us.' In
zijn essaybundel Tijd
van onbehagen probeert filosoof Ad Verbrugge te ontrafelen hoe we
hierin verstrikt zijn geraakt. En als een filosoof Patrick Bateman, de ijdele
lustmoordenaar uit de roman American
Psycho, en het 'De
wereld is er ogenschijnlijk om door "jou" te worden geconsumeerd en om
"jou" een goede tijd te geven', schrijft Verbrugge. We zijn roofdieren
en we zitten er helemaal niet mee om mensen voor dat doel te misbruiken. Sterker
nog: 'Men krijgt er zelfs een kick van door anderen te kwetsen en te
bruuskeren.' Geen wonder dat het minder gezellig is geworden de laatste tijd; we
moeten de hele dag grommend aanvallen op onze persoonlijke ruimte afslaan. Je
eraan onttrekken kan alleen door je onder de dekens te begraven en te hopen dat
de bovenbuurman zijn boormachine niet in de muur zet. Maar Carpers zonder riante
erfenis komen er niet onderuit: ze moeten die veilige haven verlaten om hun
brood te verdienen. En juist op een gemiddelde werkdag moeten alle zeilen worden
bijgezet om het eigen territorium te bewaken. Het begint al in de trein op weg
naar kantoor. Het gevecht om een zitplaats valt met een paar goede ellebogen wel
te winnen. Maar vervolgens dringen medereizigers alsnog je persoonlijke ruimte
binnen - in onze cultuur proberen we een meter bij elkaar uit de buurt te
blijven - met hun gesnuif, gesmak, goedkope luchtjes, telefoontjes over de
ochtendvergadering. En
dan de schrik van elke treinforens: de praatzieke collega die om half acht 's
ochtends van wal steekt over zijn nieuwe telescoophengel. Tegen een smakkende
buurman kun je uitvallen, maar hoe poeier je een collega af zonder er op kantoor
een vijand bij te krijgen? 'Achter de krant duiken komt lomp over', zegt Lilian
Woltering, die trainingen geeft in zakelijke etiquette. 'Maar je kunt wel zeggen
dat je nog wat werk moet voorbereiden en daarom helaas geen tijd hebt voor een
praatje.' Je kunt ook in een stiltecoupé gaan zitten. Nu
we elkaar in een normale wagon het licht in de ogen niet meer gunnen, is de NS
vorig jaar gestart met stiltecoupés op intercitytrajecten. Muziek, praten en
huilen zijn verboden en mobiele telefoons moeten uit. De rust in de coupés komt
niet uit de lucht vallen. De NS hoopt dat reizigers in eerste instantie elkaar
corrigeren; mensen die de stilte ernstig verstoren, krijgen van de conducteur
een proces-verbaal aan hun broek. Kijk, ondanks de weldadige stilte, toch af en
toe even op van je laptop; december vorig jaar brandde een stiltecoupé bij
Barendrecht volledig uit nadat een bank was aangestoken. Veilig
op de zaak aangekomen, begint de ellende pas echt. Collega's die praten alsof ze
een vliegtuig moeten overstemmen. De rotzooi van de buurman die jouw helft van
het bureaueiland langzaam overneemt. En niet te vergeten de gesel van het
moderne kantoorleven: de mobieltjes die mensen op hun bureau laten liggen en die
elk moment in een polyfone riedel kunnen losbarsten. 'Gewoon meenemen dat ding',
vindt Lilian Woltering, maar realiseert zich al snel dat ze de lat daarmee te
hoog legt. 'Zet hem in ieder geval in de trilstand zodat niet iedereen naar jouw
Madonnatune hoeft te luisteren.' Al
die horkerigheid op de werkvloer verbaast Ad Verbrugge niets. Als je individuele
vrijheid heilig verklaart 'slijten de gedeelde symbolen, rituelen en
omgangsvormen, ook al is het maar de groet, waarin we elkaar tot ons recht laten
komen', schrijft hij in zijn boek. En juist die gedeelde bagage is volgens de
filosoof nodig om vast te kunnen stellen wanneer we elkaar in de wielen rijden.
Als die rem wegvalt, woekert onze territoriumdrift door tot we hardhandig in
botsing komen met de opgeheven achterpoot van iemand anders. Lomp zijn is zo
stoer dat de misdadiger inmiddels een cultstatus heeft bereikt. Pulp Fiction
regisseur Quentin Tarantino maakt er nog een grap van, maar populaire rappers
zijn bloedserieus als ze dwepen met Tony Montana uit Scarface. Oké, hij moordt
erop los en sterft met zijn neus in een berg cocaïne, maar hij heeft het leven
wel naar zijn hand gezet. We zien de misdadiger als een prikkelende
uitvergroting van onszelf, meent Verbrugge, 'waarin we als Übermenschen op de
aardbol rond paraderen.' Toch
is het met de 'Lebensraum' van de Nederlandse kantoorklerk nog niet zo slecht
gesteld. Volgens de Arbo-wet heeft elke beeldschermwerker recht op acht
vierkante meter eigen domein. 'Het gemiddelde ligt in Nederland eerder op de
vijftien à zestien vierkante meter', zegt Leo van Bemmel van kantoorverhuurder
Officetime. Zeven op de tien kantoren zijn cellenkantoren, ofwel hokjes aan
weerszijde van lange gangen; een infrastructuur die inderdaad sterk aan de
Bijlmerbajes doet denken. De in de Verenigde Staten populaire kantoortuin is
volgens Van Bemmel nooit doorgebroken in Nederland. 'Je ziet ze alleen in
specifieke bedrijfstakken, zoals dealingrooms bij banken. Nederlanders voelen
zich al snel bekeken.' Bovendien is er een strakke hiërarchie die wij
egalitaire Nederlanders erg op prijs stellen. 'De gemiddelde werknemer begint
zijn loopbaan op een kamer met één of twee anderen, schuift als het lekker
gaat door naar een gedeelde hoekkamer en krijgt als kroon op zijn carrière een
kamer alleen.' Wat
een feest, zo'n eigen koninkrijkje. Geen collega meer die domme grappen maakt of
gele tanden heeft waar je tegen aan moet kijken. Maar het gevaar is nog niet
geweken, je moet net als iedere sterveling zelf koffie halen of een paar
kopietjes draaien. In principe is de persoonlijke ruimte bij praktische
handelingen redelijk makkelijk af te schermen: een ferme tred en een afgemeten 'môgge'
zijn meestal genoeg. Tot het ook 'gezellig' moet worden. Mensen zien
verjaardagen met taart als een enorme bedreiging voor hun personal space,
merkt Lilian Woltering op haar trainingen. 'Veel werknemers, vooral vrouwelijke,
vinden het gezoen van collega's waarmee dat gepaard gaat vreselijk.' Er iets van
zeggen zonder iemand op het hart te trappen is moeilijk, vindt Woltering. 'Daar
moet je de humor voor hebben. Wat je het beste kunt doen, is een hand uitsteken
en zorgen dat je je arm stijf houdt. Veel mensen begrijpen namelijk niet dat een
hand betekent dat je niet gezoend wilt worden.' Werkneemsters
die een Lubberiaanse kneep in de bil krijgen, moeten hun mond juist wel direct
open doen, meent Woltering. 'Als Lubbers het echt gedaan heeft, is dat
natuurlijk onverstandig. Altijd handjes thuis. Maar het is wel raar dat die
mevrouw er maandenlang mee gewacht heeft om een klacht in te dienen. Bij
ongewenste aanrakingen moet je de dader er meteen op aanspreken. In de meeste
gevallen gebeurt het daarna nooit meer.' Gewenste
aanrakingen en geflirt zijn weer een heel ander verhaal. Menig relatie bloeit op
onder het systeemplafond. En wie wil niet één keer in zijn leven de ultieme
kantoorfantasie in praktijk brengen en met een collega het kopieerapparaat
delen? Fout. Fout. Fout. Flirtende collega's mogen elkaars persoonlijke ruimte
dan vrijwillig binnendringen, de omgeving vindt dat gegiechel bij het
koffieapparaat al snel razend irritant. 'Iedereen heeft het direct door', zegt
Woltering: 'Daar vergissen de mensen die op het werk met elkaar flirten zich
vaak in. Dus ga zo snel mogelijk buiten de deur verder.' Aan
het eind van een slopende werkdag volgt de laatste arena waarin de persoonlijke
ruimte verdedigd moet worden: de bedrijfsborrel. Het staat in geen enkele
functieomschrijving en de baas zegt altijd dat je niet hoeft te komen als je
niet wilt, maar je weet zeker dat je carrière niet vooruit te branden als je
niet regelmatig de getapte werknemer uithangt in de kroeg of bij het karten. Dus
je je dapper door de schuine dijenkletsers amicale klappen op je schouder heen.
Of blijft vriendelijk glimlachend naar achteren stappen om je overhellende
collega op afstand te houden. Aan de bar lonkt Koning Alcohol om het allemaal
wat dragelijker te maken. Naast het gevaar dat je door drank dingen zegt waar je
later spijt van krijgt, moeten vrouwen volgens Lilian Woltering nog eens extra
voorzichtig zijn. 'Helaas wordt een man die te veel drinkt nog steeds als een
toffe peer gezien en een dronken vrouw een losbol.' Eindelijk naar huis. Maar pas op: zak niet vol zelfbeklag onderuit voor de buis. Je moet je partner nog vermaken. In deze hyperindividuele tijden hebben we geen zin meer in andermans ellende en is verveling onze grootste vijand, houdt Ad Verbrugge ons voor in zijn boek Tijd van onbehagen. Calculerende burgers verbreken hun huwelijk zodra 'ze er geen zin meer in hebben en het saai zijn gaan vinden'. Welt er wat neerslachtigheid op? Geen nood; daar zijn uitstekende pillen voor.
Etiquette is respect tonen Als account manager bij Nashuatec ontdekte Lilian Woltering het belang van goede zakelijke omgangsvormen. ‘In die jaren heb ik alle fouten die je kunt maken wel gemaakt’, aldus de huidige directeur van Woltering
Consultancy. Later, in haar baan bij Joop van der Ende Theaterproducties, werd
het haar duidelijk dat ze lang niet de enige was die wel eens blunderde. ‘Ik
organiseerde de bedrijfspartijen en -diners bij de musicals. Af en toe kon ik
wel janken als ik zag hoe accountmanagers van grote bedrijven met hun klanten
omgingen. Sommigen gingen niet eens bij hun eigen gasten aan tafel zitten!
Waarschijnlijk om niet door de mand te vallen met hun slechte
tafelmanieren…’ Lilian rook haar kans en startte haar eigen bedrijf, nu bijna 5 jaar geleden. Onder de naam Woltering Consultancy geeft ze trainingen en workshops over zakelijke omgangsvormen en etiquette. Lilian: ‘Er bleek inderdaad behoefte aan te zijn. Dat is ook niet zo vreemd; bij zaken doen horen nou eenmaal andere regels dan in het gewone leven. En die zakelijke etiquette leer je niet op de HEAO of bij Bedrijfskunde. Geen wonder dat vooral jonge mensen zich daarom erg onzeker kunnen voelen als ze bijvoorbeeld een zakendiner moeten organiseren. Hoe nodig je iemand uit? Waar ga je eten? Wat doe je aan? Hoe gedraag je je als een perfecte gastheer?’ De
fijne kneepjes Bedrijven als ABN-Amro, Berk Accountants en Delta
Lloyd hebben de workshops ‘Zakelijke omgangsvormen’ van Lilian al ontdekt en
soms zelfs als vast onderdeel opgenomen in het introductieprogramma voor nieuwe
werknemers. Tijdens een zgn. ‘Etiquettediner’ legt Lilian hen de fijne
kneepjes van het zakelijk dineren uit. ‘Etiquette klinkt misschien ouderwets
en streng, maar in feite gaat het er puur om dat je respect toont voor je
gezelschap, een professionele en ontspannen indruk maakt bij een zakenlunch of
-diner. Als jij je bij zo’n gelegenheid zit af te vragen in welk glas het
water moet en of het servet nou op tafel of op schoot moet liggen, kun je je
niet concentreren op waar het om gaat: de conversatie met de klant.’ Roeien en harken De Etiquettediners vinden plaats in een aparte ruimte van een restaurant naar keuze van de opdrachtgever. Lilian vertelt haar cursisten over de achtergronden van de etiquette en lardeert haar verhaal met eigen ervaringen uit ‘zeven jaar leuk doen met klanten’. Maar er wordt ook lekker gegeten en veel gelachen. ‘Het is een combinatie van iets leren en eens iets heel anders doen met je collega’s dan vergaderen. Dat mag van mij best gezellig zijn.’ De deelnemers – zo’n 15 per diner - komen meestal zelf met allerlei vragen. ‘Iedereen is op zo’n moment heel bewust bezig om het allemaal goed te doen. Als ze dat willen, wijs ik hen op hun fouten. Dat ze zitten te ‘roeien’ bijvoorbeeld. Of te ‘harken’. ‘Metselen’ komt ook nog wel voor, maar gelukkig niet zo veel.’ Gouden
regels Maar goede tafelmanieren alleen vormen nog geen garantie voor
een geslaagd zakendiner. Het begint al bij de voorbereiding. Lilian raadt daarom
altijd aan ergens te reserveren waar je al eens eerder met plezier hebt gegeten.
Een rustig restaurant, waar je het menu en de prijzen kent. Je relatie nodig je
mondeling uit, met een bevestiging per E-mail, liefst met een routebeschrijving.
Over het doel van het etentje laat je geen twijfel bestaan; wil je die
belangrijke offerte doornemen of nodig je de klant uit om elkaar wat beter te
leren kennen? ‘De
volgende gouden regel is dat je de bediening direct laat weten dat jij de
gastheer of –vrouw bent’, legt Lilian uit. Daarmee voorkom je dat je gasten
onnodig worden lastiggevallen. Ook belangrijk: bestel iets wat je aankunt. Als
je nog nooit kreeft hebt gegeten: niet doen. Verse asperges, oesters, spare-ribs;
allemaal gerechten die de nodige handigheid vergen.’ Jezelf
blijven Met al die regels in het hoofd lijkt het bijna onmogelijk om
nog een ontspannen lunch of diner te hebben. Die gedachte bestrijdt Lilian met
overgave: ‘Zover mag het absoluut niet komen! Het hoofddoel is om een prettige
sfeer te creëren, je gast op z’n gemak te stellen. Als je geforceerd
regeltjes gaat zitten naleven val je meteen door de mand. De kunst is om jezelf
te blijven. Als je weet hoe het hoort, kun je per situatie afwegen hoe je met de
regels omgaat. Het moet bij jou passen én bij je klant.’ Lilian Woltering over Zakelijke Omgangsvormen in Management & Communicatie Etiquette is een ouderwets woord en de ‘etiquettebijbel’ van Amy Groskamp – ten Have wordt nog maar zelden geraadpleegd. Het uiten van respect door goede omgangsvormen raakt echter nooit uit de tijd. Sterker nog, het wordt steeds belangrijker, volgens relatiemarketingdeskundige Lilian Woltering, zeker in het zakenleven. Woltering traint werknemers van grote bedrijven in algemene zakelijke omgangsvormen, maar ook specifieker in de omgang met klanten, gedrag op recepties en zakelijke kledingcodes - “de verpakking van de zakenmens”. ‘Vaak kiest een klant niet alleen voor jouw bedrijf, maar ook voor jouw persoon.’ ‘Er
vindt duidelijk een herwaardering plaats van goede manieren,’ vindt Woltering.
‘De etiquetteregels bestaan nog steeds, maar daar heb je weinig aan als je ze
niet weet te vertalen naar deze tijd én niet weet toe te passen in
verschillende situaties. Dat is wat ik de cursisten in mijn trainingen duidelijk
probeer te maken. Schat de situatie in en pas je gedrag en omgangsvormen daarop
aan. En het belangrijkste: houd je doel voor ogen, want het aangaan van
contacten en het onderhouden van relaties heeft altijd een bepaald doel. Zeker
in het zakenleven. Juist de informele momenten met de klant kun je beter
benutten als je weet hoe het hoort.’ Storende
signalen Weten
hoe het hoort begint al bij de kleding, aldus Woltering: ‘De eerste indruk op
anderen maak je als je nog geen woord gesproken hebt, dus met je uitstraling.
Daarbij is de kledingkeuze heel belangrijk. Het gaat bij zakendoen in de eerste
plaats om de inhoud, maar daarbij speelt de “verpakking” een belangrijke
rol. Door te zorgen voor zo min mogelijk afleiding, blijft de inhoud ook
op de eerste plaats staan. Zend dus geen ‘storende’ signalen uit en pas je
kleding aan bij wat gebruikelijk is. Als je bijvoorbeeld met een klant praat
over financiële
kwesties, dan komt het aan op je kennis en betrouwbaarheid. Dat moet je dan ook
uitstralen. Maar met iets kleins als een dasspeld bijvoorbeeld word je in de
bankwereld al snel beschouwd als not one of us. In
de meeste bedrijven geldt een vrij strikte kledingcode. Doorgaans is dat een
grijs of donkerblauw pak, eventueel met een kleine krijtstreep, voor dames een
mantelpak. Een pak straalt nu eenmaal meer status uit dan een broek en trui, dat
blijkt ook uit allerlei onderzoeken. Zeker als je jong bent, moet je je daarvan
bewust zijn. Bovendien getuigt wat extra aandacht voor je kleding van respect
voor je gesprekspartner.’ NetwerkenWanneer
kun je iemand tutoyeren? En hoe onbeleefd is het om iemands woordenstroom te
onderbreken? Vroeger golden hiervoor strikte etiquetteregels, zodat voor
iedereen duidelijk was hoe het hoorde. Woltering: ‘Die regels gelden
nauwelijks meer, maar in de kern gaat het bij etiquette om wellevendheid, om
respect hebben voor de ander. En dat is nog steeds heel belangrijk, maar we zijn
wel een beetje de weg kwijt. Vooral
starters in hun eerste baan zijn vaak onzeker over de omgang met klanten en
collega’s. Een belangrijk doel van een zakelijk receptie is bijvoorbeeld
netwerken: in twee uurtjes moet je zo veel mogelijk contacten leggen,
vervolgafspraken maken en visitekaartjes uitwisselen. Ik leer cursisten
bijvoorbeeld dat ze eerst de gastheer een hand geven en bedanken. Wat al een
kunst op zich is, want de gastheer is meestal constant in gesprek. En hoe stap
je af op een groepje mensen dat je niet kent? Stel je eerst even voor en maak
een beginpraatje, waarbij ik mijn cursisten op het hart druk om vooral zichzelf
te blijven. Ik ga ervan uit dat iedereen zijn eigen succesformule heeft. Bij
sommigen is dat humor, bij anderen kennis of charme. Meestal is een beginzin
als: ik ken hier niemand, mag ik even bij jullie staan? al genoeg voor een
eerste contact. Ook uit een zakelijk diner kun je meer halen door bewust met je
relatie om te gaan. Stel bijvoorbeeld dat de klant zijn partner meeneemt,
besteed dan voldoende aandacht aan die partner. Want vaak is het de partner die
- in huiselijk sfeer - nog even naar jou informeert…’ BewustEen voetbalwedstrijd in de skybox, een dagje North Sea Jazz Festival… In het kader van klantenbinding nemen veel bedrijven hun topklanten mee naar allerlei evenementen. Woltering: ‘Veel werknemers weten niet precies welke kleding ze dan moeten dragen. Ook de klant weet het vaak niet. Zet dus in de uitnodiging duidelijk wat de dresscode is, dat bespaart de klant ook veel gepieker. En als hij er eenmaal is, blijf dan niet bij je collega’s hangen, maar bemoei je met de klant. Eigenlijk komt het erop neer dat je bewust omgaat met de relatie met klant. Want vaak kiest hij niet alleen voor jouw bedrijf, maar ook voor jouw persoon. Dat is een heel belangrijk gegeven in een zakelijke relatie.’
|
|
Correct Zakendoen? Mail info@omgangsvormen.com of bel 020 - 6222250 |